• Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
Goede Groei
de online kamerplantenencyclopedie
Zoeken
    • Home
    • Kamerplanten
    • Ziektes en plagen
    • Plantenweetjes
    • Contact
    • Zoeken
    Home » Kamerplanten » Ceropegia (Chinees lantaarnplantje): kopen en verzorging

    Ceropegia (Chinees lantaarnplantje): kopen en verzorging

    Ceropegia woodii of Chinees lantaarnplantje
    Ceropegia woodii, het Chinees lantaarnplantje.

    Ceropegia’s behoren tot de meest geliefde hangende kamerplanten. Veruit de bekendste soort is Ceropegia woodii, de lantaarnplant of het Chinese lantaarnplantje. Aan dunne, draadachtige stengels bungelen tientallen kleine, hartvormige blaadjes, donkergroen en zilver gemarmerd aan de bovenkant en wijnrood aan de onderkant. Hoe zorg je bij ceropegia’s voor een goede groei, waar kun je deze kamerplanten kopen en waar moet je dan op letten? Dat en meer bespreken we in dit artikel in vier punten:

    1. Inleiding: wat is Ceropegia voor plant?
      • 1.Inleiding: wat is Ceropegia voor plant?
      • 1.1Habitat
      • 1.2Groeiwijze
      • 1.3Stamboom en verwante kamerplanten
      • 1.4Soorten
    2. Verzorging Ceropegia (lantaarnplant)
      • 2.Verzorging Ceropegia (lantaarnplant)
      • 2.1Water geven
      • 2.2Temperatuureisen
      • 2.3Standplaats
      • 2.4Voeding
      • 2.5Verpotten
      • 2.6Snoeien
      • 2.7Vermeerderen
        • 2.7.1Stekken
        • 2.7.2Zaaien
      • 2.8Bloeiwijze
      • 2.9Ziektes en plagen
      • 2.10Overige tips bij de verzorging
    3. Ceropegia kopen: waar moet je op letten en waar kan het?
    4. Reacties
    • Water
    • Temperatuur
    • Licht
    • Voeding
    • Verpotten
    • Snoeien
    • Stekken
    • Zaaien
    • Bloei
    • Problemen
    • Reacties

    1. Inleiding: wat is Ceropegia voor plant?

    Ceropegia is een groot geslacht uit de maagdenpalmfamilie (Apocynaceae), met soorten die voorkomen in een flink deel van zuidelijk Afrika en op Madagaskar, maar ook op de Canarische Eilanden, het Arabisch Schiereiland en verder oostwaarts tot in Zuid-Azië en het noorden van Australië.

    De naam Ceropegia komt uit het Griekse keros (was) en pege (kandelaber of fontein), naar de wasachtige en inderdaad met enige fantasie op een soort kandelaber of fontein gelijkende bloemen. Verreweg de meeste ceropegia’s die je als kamerplant tegenkomt, zijn rankende, vetplantachtige hang- of klimplanten, met de bekende lantaarnplant (Ceropegia woodii) als onbetwiste publiekslieveling.

    1.1 Habitat

    De populairste soorten komen uit zuidelijk Afrika. Ceropegia woodii bijvoorbeeld groeit van Zimbabwe en Mozambique tot in delen van Zuid-Afrika, waar de plant zich over rotsen en hellingen drapeert, vaak in de halfschaduw tussen stenen en struikgewas. Het is dus bepaald geen plant van het altijd warme, altijd natte tropische regenwoud, maar van een drogere, sterk wisselende omgeving met een uitgesproken nat en droog seizoen. Om de droge perioden te overleven slaan ceropegia’s water op in hun dikke blaadjes en in ondergrondse én bovengrondse knolletjes.

    1.2 Groeiwijze

    Stengelknol Ceropegia woodii
    Een stengelknolletje van Ceropegia woodii, het Chinees lantaarnplantje. Afbeelding José María Escolano/Flickr

    Veel soorten zijn, net zoals de lantaarnplant, slingerende, hangende of klimmende, deels succulente planten. De stengels zijn dun en draadachtig, vaak paarsachtig van kleur, en ze kunnen in de loop der jaren behoorlijk lang worden – in het wild halen ze met gemak enkele meters. Aan die stengels zitten op regelmatige afstanden paartjes van kleine, vlezige blaadjes. Bij Ceropegia woodii zijn die hartvormig; bij andere soorten zijn ze smal, naaldvormig of zelfs nauwelijks aanwezig.

    Een typisch kenmerk van het geslacht zijn de knolletjes die zich op de knopen langs de stengels vormen, daar waar de blaadjes ontspringen. Deze bovengrondse knolletjes lijken op kleine kralen aan een snoer. Ze zitten er niet voor niets: zodra ze de grond raken, schieten ze wortel en vormen ze een nieuwe plant. Dat maakt vermeerderen kinderlijk eenvoudig, zoals we bij het kopje Vermeerderen nader bespreken. Ondergronds vormen veel soorten bovendien een verdikte knol of caudex, waarin de plant water en reservevoedsel opslaat.

    Niet elke ceropegia hangt overigens braaf naar beneden. Een handvol soorten groeit rechtop of kruipt over de grond met dikke, gevlekte stengels en minieme blaadjes die nauwelijks de moeite van het vormen waard lijken. Een ander kenmerk dat alle ceropegia’s dan wel weer gemeen hebben: hun heel bijzondere bloemen. Daarover meer bij het kopje Bloeiwijze verderop in dit artikel.

    1.3 Stamboom en verwante kamerplanten

    De ceropegia hoort thuis in de maagdenpalmfamilie (Apocynaceae), in de orde Gentianales. Andere vertegenwoordigers daarvan die je als kamerplant tegen kunt komen, zijn bijvoorbeeld de wasbloem (Hoya), de woestijnroos (Adenium), de Madagaskarpalm (Pachypodium), de bruidsbloem (Stephanotis floribunda) en de tempelboom (Plumeria alba).

    1.4 Soorten

    Hoeveel soorten Ceropegia er precies zijn, is een open vraag. Traditioneel ging men uit van zo’n tweehonderd soorten. In 2017 verscheen er echter een opzienbarend wetenschappelijk artikel, mede op basis van DNA-onderzoek. De auteurs deden een ingrijpend voorstel om Ceropegia uit te breiden met het toenmalige geslacht Brachystelma en met de zogenoemde stapelia-achtigen, een verzameling van tientallen geslachten met sterk verdikte, vrijwel bladerloze stengels of stammetjes. In die ruime opvatting telt Ceropegia in één klap meer dan zevenhonderd soorten.

    Niet iedereen is het daarmee eens: sommige botanici aanvaarden wel de opname van Brachystelma, maar niet die van alle stapelia-achtigen. De discussie loopt dus nog; het lijkt er voorzichtig op dat er uiteindelijk een soort tussenoplossing wordt gekozen, waarbij het geslacht Ceropegia zo’n vijfhonderd soorten telt. Voor de huiskamertuinier is het overigens niet zo’n bezwaar dat deze onduidelijkheid bestaat. De ceropegia’s die het vaakst als kamerplant worden gehouden, vielen ook vóór 2017 al binnen het geslacht. De belangrijkste soorten bespreken we hieronder.

    1.4.1 Ceropegia woodii

    Ceropegia woodii is met afstand de bekendste soort, en voor de meeste mensen zelfs synoniem met het hele geslacht. Hij wordt verkocht als hangplant, met dunne paarse stengels en hartvormige blaadjes die van boven diep donkergroen met een zilverwitte marmering en van onderen wijnrood zijn. In het Nederlands heet hij lantaarnplant of Chinees lantaarnplantje. In diverse andere talen heeft hij poëtischere bijnamen; zo noemen onder meer de Engelsen, Fransen, Spanjaarden, Italianen, Denen, Zweden en Noren hem allemaal, vrij vertaald, hartjes aan een touwtje.

    Naast de gewone groene vorm zijn er enkele populaire cultivars:

    • ‘Variegata’: de bekendste bonte vorm, met blaadjes in tinten room, roze, zilvergrijs en groen. De roze zweem wordt sterker naarmate de plant meer licht krijgt. Deze cultivar groeit wat langzamer dan de groene vorm en heeft duidelijk meer licht nodig om mooi gekleurd te blijven.
    • ‘Silver Glory’: een vorm met opvallend brede, bijna ronde blaadjes en een grotere, meer aaneengesloten zilvertekening, waardoor het blad er zilveriger uitziet dan bij de gewone C. woodii.
    • ‘String of Daggers’: een vorm met smalle, langgerekte, spits toelopende blaadjes in plaats van hartjes. Deze wordt vaak als C. woodii verkocht, maar hoort botanisch gezien waarschijnlijk eerder bij de hieronder besproken Ceropegia linearis.

    1.4.2 Ceropegia linearis

    Ceropegia linearis
    De bloemetjes lijken zeer sterk op die van het gewone Chinees lantaarnplantje, maar de bladeren van Ceropegia linearis zijn heel anders: niet rond hartvormig, maar smal lijnvormig. Afbeelding Maja Dumat/Flickr

    Ceropegia linearis is nauw verwant aan Ceropegia woodii; oudere namen en handelsnamen lopen daardoor nog weleens door elkaar. Het belangrijkste verschil zit hem in het blad. Bij C. linearis is dat smal en lijnvormig (vandaar de soortnaam) in plaats van hartvormig. De verzorging is vrijwel gelijk aan die het Chinees lantaarnplantje, al is deze soort iets steviger en verdraagt hij wat meer licht. In de handel duiken smalbladige vormen geregeld op onder fantasienamen als ‘String of Needles’ of ‘String of Spades’.

    1.4.3 Ceropegia sandersonii

    Ceropegia sandersonii, de parachuteplant of parasolplant
    De bloemen van Ceropegia sandersonii, de parachuteplant of parasolplant. Afbeelding Alzheimer1/Flickr

    Ceropegia sandersonii, in het Nederlands wel parachuteplant of parasolplant genoemd, is een klimmende soort uit Mozambique, Zuid-Afrika en Swaziland. De plant slingert zich met dunne stengels rond een steun tot ongeveer een meter hoog, en heeft wat grotere, donkergroene, hartvormige blaadjes. De bloemen zijn het echte pronkstuk: groene, tot vijf centimeter grote trechters waarvan de slippen aan de top met elkaar vergroeid zijn tot een soort overkapping, zodat het geheel inderdaad veel weg heeft van een opengeklapte parachute of paraplu. Over de gewiekste manier waarop deze bloemen zich laten bestuiven, lees je meer bij het kopje Bloeiwijze verderop in dit artikel.

    1.4.4 Ceropegia ampliata

    Ceropegia ampliata
    Ceropegia ampliata. Aan de zikke stengels zitten bijna onzichtbaar kleine blaadjes. Afbeelding pilot_micha/Flickr

    Ceropegia ampliata is een succulente klimmer met stengels tot zo’n twee meter lang en blaadjes die zo klein zijn dat de plant op het oog vrijwel kaal lijkt. Ook hier draait het om de bloemen: dikke, witte buizen die aan de voet sterk opgeblazen zijn en bovenaan groene strepen en een soort kooitje vertonen. Het is een opvallende plant die vooral bij liefhebbers van bijzondere succulenten in trek is.

    1.4.5 Ceropegia stapeliiformis

    Ceropegia stapeliiformis
    De bloem van Ceropegia stapeliiformis. Afbeelding Harry Harms/Flickr

    Ceropegia stapeliiformis is een vreemde eend in de bijt: een kruipende soort met dikke, gevlekte stengels en piepkleine, schubachtige blaadjes, waardoor de plant doet denken aan een stapelia (vandaar de soortnaam, die zoveel betekent als ‘stapeliavormig’). Ergens dus misschien ook weer niet zo verrassend dat veel botanici stapelia’s tegenwoordig laten vallen onder de ceropegia’s (zie verder onder het kopje Soorten hierboven). Deze soort is wat lastiger in de omgang dan de andere ceropegia’s in de handel, vooral wat de watergift betreft, en daarmee meer iets voor de gevorderde verzamelaar.

    2. Verzorging Ceropegia (lantaarnplant)

    Ceropegia woodii
    Het Chinees lantaarnplantje (Ceropegia woodii)

    Het is misschien niet heel goed aan ze af te zien, maar in de kern zijn ceropegia’s vetplanten. Als je dat eenmaal weet, is het één van de gemakkelijkste kamerplanten die er zijn. De meeste fouten in de verzorging – verreweg de meeste, eerlijk gezegd – komen voort uit te veel goede bedoelingen: te veel water. Hieronder lopen we de verschillende aspecten van de verzorging langs.

    2.1 Water geven

    Giet met mate. Laat de potgrond tussen twee beurten goed opdrogen en geef dan pas een flinke plens, waarbij je het overtollige water laat wegstromen. ‘Liever te droog dan te nat’ is bij deze plant geen loze kreet: dankzij de waterreserves in blad en knollen overleeft een Chinees lantaarnplantje enkele weken zonder water probleemloos, terwijl een te natte pot binnen de kortste keren tot rotte wortels en knollen leidt.

    In de winter, wanneer de plant in rust is, geef je nog veel minder: een enkel scheutje af en toe is dan voldoende. De plant geeft zelf aan wat hij wil. Worden de blaadjes wat slap en gerimpeld, dan heeft hij dorst; worden ze daarentegen geel, glazig en zacht, dan heb je te uitbundig water gegeven. Zie in dat laatste geval ook het kopje Ziektes en plagen verderop in dit artikel.

    2.2 Temperatuureisen

    Gewone kamertemperatuur, zo tussen de 18 en 26 graden, bevalt een ceropegia uitstekend. De plant is niet winterhard en verdraagt geen vorst; laat de temperatuur daarom niet onder een graad of tien zakken. Een koudere, droge winterrust van ongeveer 12 à 15 graden is overigens geen straf, integendeel: die helpt veel soorten juist om in het volgende seizoen rijker te bloeien. Koude tocht kun je beter vermijden.

    2.3 Standplaats

    Ceropegia’s kunnen lang overleven op donkere plaatsen, maar van een echt heldere plek, met gerust wat ochtend- of avondzon erbij, bloeien ze helemaal op. Een hangpot of -mand vlak bij een licht raam is ideaal. Krijgt de plant te weinig licht, dan zijn de gevolgen al snel te zien: de afstand tussen de blaadjes wordt groter, zodat je lange, kale stengels overhoudt; de blaadjes blijven nog kleiner dan gewoonlijk; en bij de bonte vormen verbleekt de tekening. Die bonte vormen, zoals C. woodii ‘Variegata’, hebben overigens sowieso meer licht nodig dan de gewone groene vorm.

    2.4 Voeding

    In het groeiseizoen, grofweg van het voorjaar tot het einde van de zomer, kun je ongeveer eens per maand wat sterk verdunde cactus- of vetplantenmeststof geven. In de herfst en winter geef je niets. Overdrijf het niet: te veel voeding levert slappe, langgerekte groei op en kan de wortels beschadigen.

    2.5 Verpotten

    Lantaarnplantjes staan het liefst wat krap, dus haast je niet met verpotten; eens in de twee à drie jaar is ruim voldoende. Het belangrijkste is daarbij dat de grond goed doorlatend is. Gebruik daarom een luchtig cactus- of vetplantenmengsel, eventueel aangevuld met wat extra perliet of fijn grind, en kies altijd een pot met een gat in de bodem. De ondergrondse knol mag net aan het grondoppervlak of er vlak boven liggen.

    2.6 Snoeien

    Snoeien is bij een ceropegia niet strikt nodig, maar wel handig als je een voller, dichter plantje wilt. Door wat langere stengels in te korten stimuleer je de plant om lager te vertakken. Zijn er door lichtgebrek lange kale slierten ontstaan, dan kun je die zonder schroom terugknippen. Gooi de afgeknipte stukken niet zomaar weg: vrijwel elk stengeldeel laat zich weer opkweken tot een nieuwe plant, zoals we bij het kopje Stekken hieronder bespreken.

    2.7 Vermeerderen

    Weinig kamerplanten laten zich zo gemakkelijk vermeerderen als ceropegia’s. Dat kan op verschillende manieren: via de knolletjes, via afleggen, via stekken en, als je het geduld hebt, via zaaien. Het voorjaar en de zomer zijn daarvoor de beste tijd.

    2.7.1 Stekken

    De eenvoudigste methode maakt gebruik van wat de plant in de natuur zelf al doet (zie ook het kopje Groeiwijze eerder in dit artikel). Leg een stengel met daaraan een of meer van de kleine knolletjes op een bakje vochtige grond, laat hem daar liggen, en binnen een paar weken wortelen de knolletjes vanzelf – een natuurlijke vorm van afleggen.

    Stekken kan ook: knip een stuk stengel met enkele bladparen af, verwijder de onderste blaadjes en leg het op of steek het in vochtige, goed doorlatende grond. Laat de snijwond wel eerst een dagje opdrogen voordat je de stek oppot, om rot te voorkomen. Ook in een glaasje water wortelen stekjes meestal probleemloos, al wennen ze daarna soms wat moeizaam aan de grond.

    2.7.2 Zaaien

    Zaaien is mogelijk, maar het is niet de meest voor de hand liggende route om deze kamerplanten te vermeerderen. Om te beginnen heb je vers zaad nodig. Dat is amper of niet verkrijgbaar, en in de huiskamer is het erg lastig om de bestuiving rond te krijgen. Dat vereist doorgaans namelijk twee genetisch verschillende planten en de juiste insecten (zie het kopje Bloeiwijze hieronder). Slaagt de bestuiving wel, dan ontstaan er slanke, gehoornde zaaddozen met daarin zaad voorzien van een pluizig vlieghaartje. Zaai dat vers uit op een luchtig, zandig mengsel en houd het warm. Het kan een aantal weken of maanden duren voordat het ontkiemt.

    2.8 Bloeiwijze

    De bloemen van Ceropegia sandersonii (parachute- of parasolplant)
    De bloemen van Ceropegia sandersonii (parachute- of parasolplant)

    De bloemen zijn het meest fascinerende onderdeel van de hele plant. Bij Ceropegia woodii zijn het kleine, paarsroze lantaarntjes: een bolvormig, opgeblazen voetstuk, daarboven een smal buisje, en aan de top vijf slippen die met hun punten aan elkaar vastzitten en samen een soort kooitje of overkapping vormen. Het is precies dat lantaarn- of vaasvormige silhouet waaraan de plant zijn Nederlandse naam ontleent. Het Chinees lantaarnplantje bloeit binnenshuis behoorlijk bereidwillig, vooral in de zomer en de herfst.

    Achter die schattige bloempjes gaat een listig systeem schuil. Het zijn zogenoemde valbloemen. Met een geurtje lokt de bloem kleine vliegjes naar binnen, het buisje in. Daar zitten naar beneden gerichte haartjes die de vlieg de weg naar buiten versperren, zodat hij gevangen blijft – vaak enkele dagen lang, tot de bloem begint te verwelken en de haartjes hun stevigheid verliezen. De inmiddels met stuifmeel bestoven vlieg vliegt dan naar de volgende bloem, waar het spelletje zich herhaalt en de bestuiving rond is.

    Het mooiste staaltje misleiding levert Ceropegia sandersonii met zijn parachutebloemen. Onderzoek heeft aangetoond dat deze soort de geur nabootst van een honingbij die door een belager wordt aangevallen. Daarmee lokt de plant gericht bepaalde vliegjes uit de familie Milichiidae. Die scharrelen hun kostje normaal bij elkaar door mee te eten van bijen die door spinnen of andere roofdieren te grazen zijn genomen. Hier worden ze dus onvrijwillig ingezet om de bestuiving te regelen. In de vakliteratuur heet dit type bedrog de ‘betrayed thief’-strategie, de verraden dief.

    2.9 Ziektes en plagen

    Voor een kamerplant is een ceropegia opvallend weinig ziektegevoelig. Het grootste gevaar komt, zoals we eerder al opmerkten, van de gieter: wortel- en stengelrot door te veel water is veruit de meest voorkomende doodsoorzaak. Houd het bij twijfel dus liever droog; zie ook het kopje Water geven eerder in dit artikel.

    Qua ongedierte is wolluis de belangrijkste boosdoener. Ze verstoppen zich graag in de oksels van de blaadjes en tussen de in elkaar gegroeide stengels, waar ze in de wirwar maar lastig te ontdekken zijn. Daarnaast kun je af en toe wat bladluis op de bloemstelen tegenkomen, en in een te warme, droge omgeving spint.

    2.10 Overige tips bij de verzorging

    Een paar losse aandachtspunten tot slot. De lange slierten raken na op den duur in de knoop; je kunt ze af en toe voorzichtig uit elkaar halen, of een deel ervan terugleggen over de pot, zodat de plant aan de bovenkant voller wordt. Let ook op het gewicht: na verloop van tijd kan een exemplaar dat maar aan één kant kan hangen (bijvoorbeeld als je hem op een kast hebt gezet) gevaarlijk instabiel worden. Een stevige, stenen sierpot is een effectief tegenwicht tegen zo’n stengelgordijn.

    3. Ceropegia kopen: waar moet je op letten en waar kan het?

    Ceropegia woodii 2
    Het Chinees lantaarnplantje (Ceropegia woodii). Afbeelding Martin Bohnet/Flickr

    De gewone groene Ceropegia woodii is tegenwoordig overal verkrijgbaar en bovendien betaalbaar: je vindt hem bij vrijwel elk tuincentrum, bij plantenwinkels en bij talloze webshops. Voor de bonte cultivars en voor de wat zeldzamere soorten als Ceropegia sandersonii en Ceropegia ampliata betaal je doorgaans wat meer, en daarvoor kun je het beste terecht bij gespecialiseerde kwekers.

    Let bij de aankoop op een paar dingen. Voel of de plant stevig is: zachte, gerimpelde of glazige blaadjes en een papperige voet wijzen op te veel water en mogelijk al beginnende rot. Speur ook even de wirwar van stengels af op verstopte wolluizen. Koop het liefst in het voorjaar of de zomer: dan slaat de plant het snelst aan in zijn nieuwe huis.

    Ter besluit goed nieuws als je een huisdier hebt: de lantaarnplant is voor zover ons bekend niet giftig voor mensen, honden en katten. Wel één kanttekening over die laatsten: de bungelende stengels zijn voor sommige katten een welhaast onweerstaanbaar speeltje, dus een hangplek boven poothoogte is aan te bevelen.

    Op dit artikel rust auteursrecht. Zonder onze toestemming is overnemen verboden.

    Verder lezen...

    Alle kamerplanten op Goede Groei

    Kamerplanten
    (wordt niet openbaar gemaakt)
    (wordt niet openbaar gemaakt)
    0 Reacties
    nieuwste
    oudste meeste stemmen
    Reactieactiviteit elders op Goede Groei

    Hoogst gewaardeerde reacties

    7

    Lidcactus: kopen en verzorging

    Hij bloeit weer! En hele familie voorzien van reserve-exemplaren. Wilde dit toch graag hier laten weten!


    7

    Alocasia (olifantsoor): kopen en verzorging

    Bedankt voor de heldere en uitgebreide info!


    7

    Lidcactus: kopen en verzorging

    Deze gered uit een schuur. En bloeit nu volop 😊


    4

    Pachira aquatica: kopen en verzorging

    Hoi Judith, Gefeliciteerd met je nieuwe pachira 😉  En goed dat je zo scherp kijkt. Dergelijke druppels kunnen wijzen op een besmetting van luis…


    4

    Christusdoorn (Euphorbia milii): kopen en verzorging

    Ik ben zo blij met mijn plant,wij wonen in Thailand en staat mooi in onze tuin


    Drukste discussies

    5

    Beste, duidelijke , correcte informatie over de plant. Ik heb er verschillende staan . Eentje met rode bloemen en eentje met gele bloemen en van…


    3

    Hoi Freddy, op onderstaande foto stekjes die ik 23 maart in de grond heb gezet: het bewijs dat stekjes ook bloeien! 😄


    3

    Ik heb zaailingen van de geelbloeiende soort !


    2

    Hoi! Wat een fijne site dit. :-) Wij hebben sinds januari een Ficus plant gekocht en ineens sins gister hangt ongeveer de helft van de…


    2

    (Vergeten foto toe te voegen) Hallo, ik heb een vraag. Mijn lidcactus lijkt niet meer te willen bloeien. Ruim een half jaar (misschien langer) geleden…


    Nieuwste reacties

    Pachira aquatica: kopen en verzorging
    29 dagen geleden by Bieke

    Heel nuttige en knappe beschrijving voor verzorging pachira!


    Ficus elastica (rubberboom): kopen en verzorging
    2 maanden geleden by Stijn

    Hoi Claar, Bij een gezond exemplaar: ja, dat gaat eigenlijk altijd goed. Zorg wel dat je het doet op een moment dat de plant goed…


    Ficus elastica (rubberboom): kopen en verzorging
    2 maanden geleden by Claar

    Is het echt zo dat je heel diep terug kunt snoeien? Ik heb er een staan die al een aantal jaar oud is maar het…


    Jatropha podagrica (flessenplant): kopen en verzorging
    3 maanden geleden by Kristel

    Beste Louise ik heb voorlopig geen zaadjes van de gele . ik heb jonge platen staan maar weet niet meer of het gele of rode…


    Jatropha podagrica (flessenplant): kopen en verzorging
    1 jaar geleden by Louise

    Hallo Kristel , als je zaden van de gele hebt zou ik die kunnen overnemen van je . Ik ben er al heel lang naar…


    Copyright © 2019-2026 Goede Groei • Over ons • Privacy & Cookies • Contact • Naar boven

    :wpds_smile::wpds_grin::wpds_wink::wpds_mrgreen::wpds_neutral::wpds_twisted::wpds_arrow::wpds_shock::wpds_unamused::wpds_cool::wpds_evil::wpds_oops::wpds_razz::wpds_roll::wpds_cry::wpds_eek::wpds_lol::wpds_mad::wpds_sad::wpds_exclamation::wpds_question::wpds_idea::wpds_hmm::wpds_beg::wpds_whew::wpds_chuckle::wpds_silly::wpds_envy::wpds_shutmouth:
    wpDiscuz